•                                        

     

     

  • Via Arthur Suijkerbuijk ontving ik de Notulenboeken van R.K.V.V. H.M.S. de  Rooms Katholieke Voetbalvereniging Houdt Moedig Stand vanaf de oprichting op 22 november 1922. Nog met de hand geschreven en dat was soms wel puzzelen om goed te begrijpen wat er stond. 1922, een eeuw geleden; een jaar tussen de twee Wereldoorlogen Tussen Genemuiden en Zwartsluis verdronken 11 mensen tijdens een hevig noodweer nadat de veerpont over het Zwarte Water was gezonken. De 48-jarige Anton Philips krijgt de leiding over de in 1891 door zijn vader Frederik en zijn oudere broer Gerard gestichte gloeilampenfabriek Philips & Co te Eindhoven. Johnny Weismuller, de latere filmster Tarzan, duikt als eerste mens op de 100 meter vrije slag zwemmen onder de minuut: 58.6 seconden. Tijdens de begrafenis van Alexander Graham Bell – de uitvinder van de telefoon – wordt in de Verenigde Staten het telefoonverkeer een minuut stilgelegd. De Nederlander Piet Moeskops  wordt wederom wereldkampioen wielrennen op de sprint. Frans de Munck (jarenlang keeper in Oranje)  Rinus Terlouw (fameuze midvoor in Oranje) en George Knobel(bondscoach van Oranje) zien het levenslicht. De naam H.M.S. vindt hoogstwaarschijnlijk zijn oorsprong in het feit dat daarvoor er wel eens een club was opgericht maar die had nooit standgehouden!  Totdat op 22 november 1922 J.B. Meerbach (later raadslid en wethouder), C. Lambrechts, Ant. De Nijs, L. De Nijs en B. Renkels onder voorzitterschap van J.B. Nuijten, schoolhoofd, in de Bijzondere jongensschool St. Vincentius aan de Rembrandtstraat, de oprichtingsvergadering plaatsvond. Als clubkleuren koos men oranje-zwart. Waarom deze kleuren wordt niet vermeld. Omdat er geen geschikt terrein was, werd er op een zeer oneffen stuk heide gespeeld dat in de winter vaak in een modderpoel veranderde totdat dankzij voorzitter Nuijten een weide van den heer J. van Loon werd ingehuurd. Gevoetbald werd er met 2 elftallen in de R.K.V.B. Breda. Een elftalcommissie maakte de elftalopstelling, een trainer was er toen nog niet. Tot tweemaal toe werden er donateurs geworven onder de bewoners van Nieuw Borgvliet wat f 55,- resp. f 35,- opleverde , een aanzienlijk bedrag in 1923/1924. In 1926 was er voor het eerst een elftal aspirantjes. Tijdens de Algemene Ledenvergadering dat jaar werden 5 nieuwe leden aangenomen via ballotage, stemmingen dus zoals toen gebruikelijk was. In meerdere Jaarvergaderingen  wijst de voorzitter leden er nogmaals op om bij alle wedstrijden trouw op te komen ook als men als reserve is aangewezen want anders zouden er straffen volgen. In 1927 werd er een nieuwe knaap benoemd, de heer Breugelmans, voor f 52,- per jaar, na klachten over de oude knaap. Een knaap  bracht wedstrijdkaarten rond, inde de contributie en riep op tot vergaderingen. Een achttal leden geeft zich op advies van de voorzitter op voor een verzekering tegen ongevallen waarvan de premie zeer laag is. Op het veld haalde het eerste elftal goede resultaten en zo staat er : “steeds waren we de meerdere van de Bergse clubs Dosko, Mevo en Dos” In 1928 wordt het eerste lustrumfeest ingezet met een wedstrijd op de luchtbuks, vrolijke voordrachten  en na afloop werd gezamenlijk het clublied gezongen (helaas geen tekst aangetroffen AM). Ook in 1928 wordt door de Algemene Ledenvergadering besloten dat de leden voortaan zelf de Bondscontributie moesten voldoen omdat het voorkwam dat zij bij aanvang van de competitie spontaan verdwenen terwijl de contributie al door het bestuur was betaald. Het eerste elftal wordt kampioen in het seizoen 1928-1929 in de derde klasse. Diverse leden schenken 1 kistje bier en ook 1 kistje sigaren van 100 stuks als ze niet degraderen in het volgende seizoen. Helaas wordt er verloren van Alliance, Hollandsche Kunstzijde en De Muggen. In vele jaarverslagen wordt de voorzitter J.B. Nuijten lof toegezwaaid. Van hem zijn ook de legendarische woorden die eeuwigheidswaarde hebben “wanneer Nieuw Borgvliet nog ooit in Nederland bekend wordt, dan is het op de eerste plaats door zíjn voetbalvereniging“. Hij was een voorzitter met gezag;  in de Jaarvergadering van 12 november 1929 wijst hij de heren elftalspelers erop om tijdens wedstrijden niet van plaats te wisselen zonder toestemming van den aanvoerder. Een vriendschappelijke wedstrijd wordt op De Raayberg gespeeld tegen Dosko waarvan de opbrengst bestemd is voor de nabestaanden van de verongelukte speler Groffen. In de vergadering van 21 januari 1930 wordt besloten dat er voor 11 uur niet gevoetbald worden om de kerkgang niet in de weg te zitten; voor het Jubileum van pastoor Kuipers wordt 5 cent van elk lid gevraagd. Mede door het opmaken van enkele kistjes bier waren de heren in zodanige stemming dat de rondvraag geen nieuwe lichtpunten bracht. In het jaar 1930 groeit de vereniging door aanwas van het aantal jeugdleden. In het stille seizoen worden atletiekoefeningen gehouden. Leden Ockers en Delrue deden mee aan atletiekwedstrijden waarbij zij het halve prijzengeld -2 gulden- mochten houden. Het lid Vermeulen wordt geroyeerd omdat hij eigenmachtig in het 2e elftal ging spelen ofschoon hij was aangewezen voor het 1e elftal. Het bestuur bepaalt een vergoeding als een speler door een ongeval in de wedstrijd niet kan voetballen waarbij rekening wordt gehouden met het feit of hij  kostwinner is. Lid Suijkerbuijk die 5 weken niet kon werken wegens een blessure krijgt 80% van zijn loon vergoed wat de vereniging bijpast tot 100%. In de vergadering van augustus 1932 wordt besloten oranje truien aan te schaffen met een baan in het midden. Waarschijnlijk zou de huidige KNVB een onderzoek instellen naar de bewering van de voorzitter in de Jaarvergadering van 1933 dat de beslissingswedstrijd om het kampioenschap tegen Zeelandia werd verloren waarvan "de grootste schuld op rekening van den scheidsrechter kon worden geschoven die onbekwaam was om zoo’n wedstrijd te leiden!". Tot zover (wordt vervolgd)